Er is een fout opgetreden, probeer het later nog eens.

De NPO app

Download

Zonder grammatica kun je geen taal leren

30 mrt 2016 00:00

NTR • 4 min

Waarom is het belangrijk dat je het verschil kent tussen een lijdend en een meewerkend voorwerp? Grammatica is niet bedacht om jou te pesten, maar juist om het leren van een taal makkelijker te maken. Dat vonden de oude Grieken al heel belangrijk. In deze lesvideo legt Arnoud Kuijpers uit waarom taal belangrijker is voor onze cultuur dan de schilderijen van Rembrandt of van Gogh.

In een ander filmpje heb je kunnen zien waarom een taal een grammatica nodig heeft. Maar waarom moet jij dat allemaal weten? Mensen kunnen toch heel goed met elkaar communiceren zonder dat ze weten wat een lijdend voorwerp of een persoonsvorm is? Ja dat is wel zo, maar het is vooral nuttig en belangrijk dat je iets van grammatica weet. Waarom is het nuttig om iets van grammatica te weten? Daartoe moeten we even terug naar de tijd van Alexander de Grote, toen het grammaticaonderwijs ontstaan is. Alexander de Grote leefde rond 350 voor Christus, en hij veroverde in korte tijd zowat de hele bekende wereld. Daardoor ontstond ineens een taalprobleem: Alexander had zelf niet genoeg mensen om dat grote gebied te besturen, hij moest dus overal bestuurders uit het land zelf aanstellen. Maar die spraken geen Grieks! Dus die bestuurders moesten allemaal heel snel Grieks leren. Er was ook geen tijd om al die bestuurders een paar jaar stage te laten lopen in Griekenland (dat was misschien nog het beste geweest), dus er moest snel een korte en overzichtelijke beschrijving van de Griekse taal komen. Hoe beschrijf je snel een taal? Je verdeelt de woorden in een paar soorten, en je vertelt hoe elke soort gebruikt moet worden in een zin: lidwoord vóór zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoord dezelfde uitgang als het zelfstandig naamwoord waar het bij hoort, enzovoorts. Vervolgens leg je uit hoe je groepen van woorden verbindt tot betekenissen. Bijvoorbeeld dat Een slimme jongen vereert Alexander de Grote iets anders betekent dan Alexander de Grote vereert een slimme jongen. sinds Alexander de Grote is Grammatica dus een manier om taal te beschrijven. Met behulp van die manier kun je snel en efficiënt vreemde talen leren (althans, zo wordt het al tweeëneenhalfduizend jaar gedaan). Ook nu nog worden taalbeschrijvingen met grammaticale termen opgebouwd. Je moet dan wel weten wat die termen betekenen! Dat is niet alleen voor het leren van vreemde talen nuttig. Ook je eigen taal kent een taalnorm. Voor onze taal is dat het Standaardnederlands. De taal die jij spreekt lijkt daar vast al heel goed op, maar hij voldoet vast niet helemaal aan de norm (dat geldt voor iedereen namelijk). Wat het Standaardnederlands precies is, dat staat beschreven in grammaticaboeken en taaladviezen. En die zijn geschreven in… je raadt het al: in grammaticale termen. Daarom is het nuttig om grammatica te leren. Maar behalve nuttig is het ook belangrijk om grammatica te leren. Dat was in de tijd van Alexander de Grote trouwens ook al zo. De grote Griekse filosofen die er toen leefden (zoals Aristoteles en Plato) hielden zich ook bezig met de Griekse taal, maar zij waren vooral geïnteresseerd in de vraag hoe de taal in elkaar zat. Hoe het toch kon dat je met taal vaak ingewikkelde betekenissen kon uitdrukken. Bijvoorbeeld: als je zegt Ik denk dat het regent, dan hoeft dat niet te betekenen dat het inderdaad regent, maar als je zegt Ik zie dat het regent, dan volgt daaruit ineens wel dat het regent. En nog gekker: als je die laatste zin ontkent (Ik zie niet dat het regent), dan betekent die nog steeds dat het wel regent! (alleen jij ziet het niet). De Grieken vonden het al belangrijk om uit te zoeken hoe de taal in elkaar zit, omdat ze zagen dat taal de belangrijkste eigenschap van de mens is. Zonder taal zouden mensen alleen op een heel primitieve manier met elkaar kunnen communiceren. Ze zouden nauwelijks van elkaar kunnen leren (alleen door nadoen), ze zouden geen verleden of cultuur hebben (want daarvoor moet je verhalen aan elkaar kunnen doorgeven). Taal zorgt er dus voor dat wij ons kunnen ontwikkelen, dat we kunnen denken en dat aan latere generaties kunnen doorgeven. Als cultuurproduct is onze taal belangrijker dan de schilderijen van Rembrandt of Van Gogh, belangrijker dan het grootste bouwwerk of de slimste scheikundige formule. Als je op school dan wel iets leert over de kunst van Rembrandt en Van Gogh, over de natuurkundige principes van gebouwen en de scheikunde van geneesmiddelen, waarom zou je dan niets hoeven te leren over de grammatica van de taal? Daarom is het nuttig én belangrijk om iets over grammatica te weten.