Er is een fout opgetreden, probeer het later nog eens.

De NPO app

Download

In één liter zeewater zit wel 30 gram zout

9 mrt 2014 23:00

NTR • 3 min

Regenwater is zoet en zeewater is zout. Omdat het regenwater via de grond naar de zee stroomt, komt er steeds een klein beetje zout uit de grond mee de zee in. Vervolgens verwarmt de zon de zee, waardoor alleen het water verdampt en het zout achter in de zee blijft.

Waarom blijf je nou op zout water beter drijven? Over het algemeen blijft iets op zeewater beter drijven dan in slootwater of bijvoorbeeld een zwembad. Heel goed opgemerkt. Er zijn zelfs zeeën waar je drijvend een krantje kunt lezen. Maar hoe kan dat? Steen zinkt. Blok hout die blijft drijven. Staal zinkt ook als een baksteen. Al die schepen die je hier ziet, zijn ook gemaakt van staal en die blijven heel goed drijven. Dat komt omdat het water van de onderkant tegen het schip aandrukt: opwaartse druk. Opwaartse druk kent iedereen die wel eens met een bal in het water heeft gespeeld. Als ik de bal in het water duw, voel ik dat de bal omhoog wil. Dat doet de bal niet, dat doet het water. De bal verplaatst water en het water wil terug naar die plek en die duwt het aan de onderkant van de bal. Hoe dieper ik ga, des harder het water tegen de onderkant duwt. Sterker nog, ik duw hem nog dieper en hij springt omhoog. En dan nu het verschil tussen zout en zoet water. In dit zoete water zitten waterdeeltjes die tegen de onderkant van het schip aan duwen en daarom blijft ie drijven. In dit zoete water gooi in 1,5 kg zout. Roeren. Nu is het water wel zout. En al dat zout zijn heel wat extra deeltjes. Al die water en zout deeltjes duwen ook tegen de onderkant van het schip. Blijft ook hier drijven. Nu zien we niet zo heel veel verschil maar let op. Een moertje in het zoute water schip en 1 in de zoete. 2 zoet, 2 zout. 3, 4. Het gaat nog goed. 5. Bij 6 moertjes zinkt het schip in het zoete water. En in het zoute water 6, 7, 8, 9. Dit schip zinkt dus bij 9 moertjes. In zout water zitten dus meer deeltjes die tegen de onderkant van het schip aanduwen, daarom lijken voorwerpen in zout water lichter. Boten die vanaf de rivier de zee invaren die moeten daar ook rekening mee houden. Want als je zout water in zoet water terecht komt, kom je dieper te liggen. Omdat het water minder tegen de onderkant van het schip aanduwt. Daarom moeten ze goed op hun diepte letten. Soms moeten ze zelfs lading lossen omdat ze anders zinken. In deze zee, de Noordzee, zitten niet genoeg deeltjes om mij te laten drijven. Maar er zijn dus zeeën zo zout, waar het dus wel kan.