Er is een fout opgetreden, probeer het later nog eens.

De NPO app

Download

NOS 70 jaar bevrijding: Herdenking kamp Amersfoort

19 apr 2015 18:42

NOS • 25 min

Vandaag is het exact 70 jaar geleden dat de SS de leiding van Kamp Amersfoort overdroeg aan het Rode Kruis. Een terugblik op de herdenking van vanmiddag.

Vandaag is het exact 70 jaar geleden dat de SS de leiding van Kamp Amersfoort overdroeg aan het Rode Kruis. Een terugblik op de herdenking van vanmiddag. Annechien Steenhuizen spreekt met historica Geraldien von Frijtag Drabbe Kunzel, die een boek schreef over het kamp. Reportage: Jan de Visser, het enige oorlogsslachtoffer van Vrouwenpolder. Als het Rode Kruis de leiding overneemt, zijn de meeste gevangenen al naar de Duitse werkkampen getransporteerd. De meesten bezwijken daar alsnog. Een van hen is verzetsman Jan de Visser uit het Zeeuwse Vrouwenpolder. Hij kwam via Kamp Amersfoort in Neuengamme terecht en overleefde de verschrikkingen daar niet. In het herdenkingsprogramma is een uitgebreide reportage te zien over zijn verhaal. Jongste zoon Jan ging naar Neuengamme en bezocht daar de plek waar zijn vader stierf op 29-jarige leeftijd. Oudste zoon Kees vertelt hoe de dood van zijn vader doorwerkte in het leven van het gezin. Column: 'de Witte Engel'. Rode Kruis-verpleegkundige Loes van Overeem, dan 36 jaar oud, ontfermt zich over de gevangenen. Eenmaal binnen in het kamp, schrikt ze enorm van de omstandigheden. Ze besluit tot een opmerkelijke daad. Ze gaat naar het kantoor van kampcommandant Karl Berg, een beruchte sadistische nazi; hij zou later wegens zijn gedrag worden geëxecuteerd. Ondanks zijn reputatie eist Van Overeem verbetering van de levensomstandigheden. Ze heeft succes: er komt een permanente Rode Kruis-post in het kamp. Ze dankt er de bijnaam 'de Witte Engel' aan. In het programma een gesproken column van Ad van Liempt over Loes van Overeem. Over Kamp Amersfoort. In de eerste maanden na de opening van Kamp Amersfoort verbleven er joodse en politieke gevangenen in het kamp. Van augustus 1941 tot 19 april 1945 zaten in Amersfoort voornamelijk verzetslieden, politieagenten en militairen, gedurende die jaren in totaal 35000. SS-commandant Berg had er de leiding, maar de gevangenen hadden het meest te lijden onder 'de Beul van Amersfoort', Joseph Kotälla. In de woorden van verzetskant Het Parool een 'mensch-duivel' die 'zijn hoogste genot vond in het aanschouwen van in pijn gekromde lichamen en de doodangst in de ogen van de stervenden'. De nazi's executeerden er driehonderd gevangenen; nog eens driehonderdvijftig bezweken aan honger, dwangarbeid en andere ontberingen.