Er is een fout opgetreden, probeer het later nog eens.

De NPO app

Download

Multifilm, 1961 (kleur)

27 dec 2010 14:57

• VPRO • 12 min

Voorlichtingsfilm voor het Nederlands bioscooppubliek over het leven in Nederlands Nieuw-Guinea. In deze aflevering wordt het leven van de inheemse bevolking op de Radjah Ampateilanden ten westen van de Vogelkop getoond. Naast het vele natuurschoon ziet men ook de vissers met hun prauwen op zee. In de kampongs zijn de vrouwen bezig met de voedselbereiding, verder ziet men het onderwijs aan de kinderen, het kerkhof, en een christelijke godsdienstoefening. 00.00 Tekst tegen achtergrond van landkaart van het gebied: Nieuw Guinea Kroniek No. 23. Radjah Ampat paradijs van Nieuw Guinea. Aan de camera Piet ter Laag. Montage: Johan van Canstein. Tekst Wim Povel. Laboratorium: Cinecentrum Hilversum; 00.31 Beeld : Inzoomen op de landkaart op de voor de Vogelkop (het meest westelijk gelegen schiereiland van Nieuw-Guinea) gelegen eilandengroep de Radjah Ampat eilanden (Koning Vier eilanden); 00.38 Schuimend kielzog achter snelvarend kustvaartuig, aan dek gooit bemanningslid vislijn waaraan stukje doek overboord; 00.46 Passeren aan stuurboord van een inheemse prauw; 00.56 Vislijn wordt ingepalmd en een spartelende barracuda (zeer roofzuchtige vis die ook mensen aanvalt) opgehaald en op het achterdek gedeponeerd; 01.10 Voor de wind varende vlerkprauw met voltallige familie aan boord. Papoea bemanningslid van het kustvaartuig trekt, zittend op de reling, aan de vislijn. Groepje kalkeilanden recht vooruit; 01.25 Inheemse loods op de voorplecht, scheepsofficier controleert koers op de zeekaart. Roerganger in de stuurhut, bemanningslid kijkt door kijker naar; 01.37 Met tropische planten en bomen begroeide kalkeilanden recht vooruit en aan stuurboord. Nederlandse vlag aan aan stok op het achterschip; 01.50 Hoge steile rotswanden weerspiegeld in het stille water tijdens de doorvaart van het kustvaartuig; 02.24 Loods begroet vanaf de voorplecht snelle met goederen beladen kotter; 02.36 Passage van een aan het strand gelegen kampong; 02.48 Het passerende vaartuig gezien vanaf het strand; 03.02 Close-ups van jeugdige dorpsbewoners (noot 1); 03.07 Voor visvangst gereedliggende prauwen; 03.13 Moeder met kind in lichte visprauw, vrouwen gezeten in boord aan boord liggende prauwen, halen ieder voor zich vislijn op waaraan klein visje. Na de vangst, die een tiental meters uit de wal plaatsvindt, wordt het vaartuigje teruggepeddeld; 03.47 Jeugdige toeschouwers, zittend op de rand van de steiger, zien toe hoe visser, staande op de voorplecht van visprauw, net uitwerpt; 03.56 Visser loopt met lange speer door het ondiepe heldere water waarin op de bodem een tjoemi (inktvis). Visser werpt de speer. Visser haalt liggend op voorplecht net op. Rondzwemmende schildpad wordt door speerwerper met de hand gevangen; 04.26 Kronen van hoge koningspalmen. Close-up van jochie met kakatoe. Man met kind in slendang loopt over bamboeplank aan land. Meisje hoost prauw leeg met hoornschelp. Jongens met een haan en een emoejong. Emoe pikt uit voerbakje. Baby, hondepup verlaat zijn nest bestaande uit grote zeeschelp. Jonge moeder met baby; 04.59 Groepje dorpsbewoners kijkt wegvarende prauw na; 05.07 Onderwijzer laat zijn klas in een cirkel rondlopen waarna de kinderen allemaal tegelijk over het strand de zee in hollen; 05.22 Vrouw schilt rietstengels, andere vrouwen vlechten matten; 05.43 Jonge vrouw in kleurige sarong en kabaja maakt mat van brede gekleurde stroken. Tweetal kokkerellende vrouwen; 06.04 Handelaar legt kleurrijke rietmatten uit op de grond; 06.13 Opzetten van een bamboe driepoot op het dek van een zeegaande prauw. Kookpan schoonmakende vrouw terwijl de bemanningsleden de prauw met peddels en roerboom in de wind manoevreren, wordt het van rietmatten gemaakte zeil aan de top van de driepoot opgehangen en uitgerold; 07.00 Vis, zittend op het strand, snijdt visser aan mootjes. Langzaam vaart de prauw, voortgepeddeld en voor de wind zeilend, naar open water; 07.12 Stuurman op de rug gezien, en de beide roeiers achter in de prauw. Het grote a-symetrisch opgehangen zeil (noot 2). Stuurboord vlerk (drijver) waarop de vork, waarin in t.z.t. opgerolde zeil komt te liggen. Bakboord vlerk, beide roeiers bedienen het grote zware zeil; 07.35 Langzaam glijdt de prauw naar het strand, zeil wordt opgerold en losgehaakt van de driepoot. Voor de kust vloot van zeegaande prauwen die langzaam op het strand toe zeilen waar kinderen geboeid toekijken; 08.17 Meisje en jongetje kijkend naar de voor het strand liggende prauwen waarvan de zeilen zijn ingenomen; 08.33 Schaduw op de grond van machtige palmboom. Optocht met spandoeken en fluitorkest en geheel in het wit geklede eilandbewoners, die optrekken naar stenen kerkgebouw met helder rood dak waar allen binnengaan, vrouwen en hun kinderen het laatst; 09.40 Bord met engelen en opschrift op het kerkgebouw. Dorpsonderwijzer optredend als dominee loopt over het lege kerkplein naar de kerk; 09.35 Moeder en zoon plaatsen bloemen in klein, op graf gebouwd, huisje; 10.12 De grafhuisjes op het stille kerkhof. De stille, schone en geheel verlaten erven rond de atappen woningen; 10.20 Het ruime interieur van de kerk. Moeders met kinderen in stil gebed. Close-up van oude vrouw met grijs haar, van het kale koppie van nieuwsgierig kijkende peuter, van tegen de borst tijdens het zogen in slaap gevallen zuigeling, van mannelijke dorpeling; 10.36 Een deel der kerkgangers, uit naburig dorp overgekomen onderwijzer, die feestpreek houdt. Shot van een jonge vrouw; 10.45 Kerkgangers verlaten het godshuis en begeven zich in optocht achter het fluitorkest naar openbare verkoping; 10.58 Uitstalling van sier- en gebruiksvoorwerpen, onderwijzer demonstreert als vendumeester het gebruik van een visspeer; 11.15 Jonge man noteert met ballpoint opbrengst van de verkochte goederen. Geinteresseerde vrouwelijke toeschouwers als de onderwijzer een sierlijk kleedje in de straffe wind laat wapperen; 11.31 Openbare verkoping op de open plek onder de hoge palmen aan de rand van het strand 11.33 Oranjekleurige zonsondergang boven de zeestraat; 11.37 EINDE. Noot 1: De bewoners van deze eilanden (min of meer een deel van de de Noord-Molukken) lijken te behoren tot het overgangsras tussen het Maleisische, waartoe o.a. de Indonesische bevolkingsgroepen behoren, en het Melanesische ras, waartoe o.a. de Papoea's behoren; Noot 2: De bovenste bamboebalk van het rechthoekige zeil wordt aan de driepoot opgehangen, echter uit het midden zodat een groter deel van het zeil boven de driepoot uitsteekt. Het zeil hangt schuin omhoog en wordt met de onderste punt aan het dek bevestigd. Uit dit type zeegaande prauw die bij uitstek in Oceanie gebruikt wordt, is de latere catamaran en trimaran ontwikkeld.