Er is een fout opgetreden, probeer het later nog eens.

De NPO app

Download

VPRO Boeken

Ian Buruma en K. Schippers

18 apr 2010 11:20

VPRO • 35 min

Een gesprek met filosoof Hans Achterhuis over zijn boek De utopie van de vrije markt. Verder een gesprek met Ernest van der Kwast over zijn roman Mama Tandori.

In Grenzen aan de vrijheid werpt Ian Buruma licht op actuele politiek- maatschappelijke vragen over vrijheid. Wat houdt vrijheid in? En kan iedereen onder het mom van 'vrijheid van meningsuiting' zomaar beledigd worden? Het is duidelijk: we zijn massaal de kluts kwijt. We zoeken naar een duidelijke identiteit om houvast aan te hebben, iets waarnaar we kunnen leven. Maar dat we zoiets willen in een maatschappij die allang niet meer éénduidig is, weigeren we te accepteren. Buruma: "De hele huidige discussie dat het Westen bedreigd zou worden door de Islam is daar een voorbeeld van. Volgens die identity politics moeten we ineens terug naar Christelijke waarden, maar we moeten juist het tegenovergestelde doen: leren leven met die geschakeerdheid. Het idee dat je terugkunt naar een cultuur waarin iedereen hetzelfde is is onzin. Dat heeft nooit bestaan." In een dergelijke geschakeerde samenleving geeft iedereen zijn eigen draai aan een begrip als 'vrijheid'. Dat brengt verschillende problemen met zich meebrengt. Buruma: "Niet alles kan zomaar geroepen worden, ook al leven we in de veronderstelling dat dat wel zo is. Maar de koningin kan dingen niet zeggen die een cabaretier wel kan zeggen. Wilders vindt dat hij alles maar moet mogen roepen over moslims, terwijl die moslims dat op hun beurt niet mogen volgens zijn idee. Dat klopt niet." In Grenzen aan de vrijheid haalt Buruma een uitspraak van VVD-icoon Frits Bolkestein aan, waarin hij zegt dat vrijheid van meningsuiting per definitie niet kan worden gemarchandeerd. Maar dat is juist wel zo, vindt Buruma. "Marchanderen heeft als woord inmiddels bijna een negatieve bijklank gekregen, net als 'tolerant'. Maar het is juist essentieel om te onderhandelen wil je verder komen. Een goed voorbeeld daarvan zijn de buschauffeurs in Londen. Dat zijn voor een groot deel Sikhs, die in plaats van de standaard buschauffeurspet graag een tulband wilden dragen. Omdat hun geloof dat nu eenmaal voorschrijft. Dat kon aanvankelijk met geen mogelijkheid, maar door te marchanderen is het ze gelukt, en ziet eigenlijk iedereen dat je er niemand kwaad mee doet." Buruma's uiteindelijke punt: nuance en discussie is nodig. Verabsoluteren eindigt namelijk altijd in moord en doodslag. Buruma: "Als je het gaat hebben over 'goed' en 'fout' ben je gevaarlijk bezig. Dat zijn hele absolute morele categorieën. Als iemand kritiek heeft op Ayaan Hirshi Ali, is dat bij wijze van spreken al meteen iemand die heult met de vijand, of een collaborateur. Dat is funest voor het debat." Marcel Duchamp (1887-1968) was een spraakmakend conceptueel Frans-Amerikaans kunstenaar, die alledaagse voorwerpen als urinoirs en fietswielen tentoonstelde en daarmee de readymade uitvond. Maar hij had ook een grote liefde, waar niets over bekend is. K. Schippers ging naar haar op zoek. Het is het bekendste werk van Duchamp: De bruid ontkleed door haar vrijgezellen, zelfs. Wie die bruid dan was, bleef lange tijd in nevelen gehuld. Onder die combinatie van 'bruid' en 'vrijgezellen' moest haast wel een ouderwetse, romantische liefdesgeschiedenis borrelen, dacht Schippers. "Duchamp was een jongen uit de provincie die onder zijn broers probeerde uit te komen, ontdekte ik later. Rond die tijd leerde hij een meisje kennen, dat hij zwanger maakte. Dat meisje moest haast wel slaan op de Bruid. Het verklaart het werk niet, maar het geeft wel een bron aan. Dus ik ben naar haar op zoek gegaan, langs alle steden waar Duchamp ooit gewoond heeft." De simpele liefde van een provinciaal voor een vrouw heeft tot de meest fantastische kunstvormen geleid: vernieuwend, verwarrend, ongrijpbaar, geestig. Daar ligt de kiem van Schippers' fascinatie. "Duchamp is iemand die ontsnapt aan clichés. Iemand die een volledig nieuwe manier heeft van naar je omgeving kijken, die dingen zei als "Je kan je van een Rembrandt bedienen als van een snijplank", of heilig geloofde in het bestaan van een vierde dimensie. Hij had een soort ironische precisie waardoor ik ook zelf compleet anders over dingen ben gaan nadenken." Tekst: Hans van Lissum

VPRO Boeken >