Alles
nl
Vanaf de boot ziet het wad er prachtig uit. Toch constateert Piersma dat wadvogels in aantallen al jaren dramatisch achteruit gaan. De kanoet in het bijzonder. Een kanoet eet het liefst tientallen nonnetjes, een dubbelkleppig schelpdiertje, per dag. Maar de aantallen daarvan gaan in het wad gestaag achteruit. Telde Piersma er vijftien jaar geleden nog honderden per vierkante meter, nu maar nog een paar. "Geen land gaat zo slecht om met z'n natuurgebieden als Nederland", zegt Piersma. 'Het ecologisch systeem van onze laatste wildernis wordt de laatste 15, 20 jaar gestaag afgebroken." De nonnetjes sterven uit door de mechanische kokkelvisserij die de wadbodem omwoelt. Het wordt de beestjes onmogelijk maakt zich opnieuw te nestelen. Theunis Piersma is hoogleraar dierecologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en waddenonderzoeker bij het Koninklijk Nederlands Instituut voor het Onderzoek der Zee (NIOZ) op Texel. Samen met zijn internationale onderzoeksteam onderzoekt hij de manier waarop verspreiding en aantallen wad- en weidevogels samenhangen met klimaat, voedsel, roofvijanden, ziektekiemen en hun historisch-genetische achtergrond. Het onderzoek vindt niet alleen plaats in Nederland, maar ook in vergelijkbare ecosystemen in Afrika, Australië, Noord- en Zuid-Amerika en Azië. Van Piersma's hand verschenen, naast veel wetenschappelijke publicaties, de verhalenbundel 'Op de vleugels van de wind' (2000, samen met natuurfotograaf Jan van de Kam), 'Goudplevieren en wilsterflappers, eeuwenoude fascinatie voor trekvogels' (2001) en onlangs, zijn intieme waddenrelaas 'Waarom nonnetjes samen klaarkomen en andere wonderen van het wad' (2006, samen met striptekenares Gerrie Hondius).nl