Alles
nl
Het einde van het langetermijngeheugen Al vijftig jaar is het binnen de wetenschap een breed geaccepteerd idee dat het kortetermijngeheugen en het langetermijngeheugen in de hersenen los van elkaar opereren. Hoogleraar neuropsychologie Roy Kessels van de Nijmeegse Radboud Universiteit denkt daar heel anders over. Op basis van patiëntenstudies werd er altijd een onderscheid gemaakt tussen lange- en kortetermijngeheugen: mensen bij wie de hippocampus beschadigd is, kunnen zich dingen die zich kort geleden afgespeeld hebben vaak moeilijk herinneren. Maar uit experimenten van Kessel blijkt dat de hippocampus, het onderdeel van de hersenen dat essentiëel geacht werd voor het langetermijngeheugen, ook actief is bij sommige kortetermijngeheugen-tests. Hij legde gezonde proefpersonen in de fMRI-scanner en liet ze een reeks foto’s van gezichten zien of een aantal foto’s van gezichten in combinatie met plaatjes van gebouwen. Na een paar seconden kregen z’n proefpersonen een nieuwe foto zien, waarvan ze moesten zeggen of ze die al eerder gezien hadden. Bij het herkennen van de portretten werd de hippocampus niet actief, maar bij de combinaties van portret en gebouw wel. Het onderscheid tussen korte- en langetermijngeheugen klopt dus niet. Er is eerder sprake van een geheugen voor eenvoudige en een voor complexe zaken. Bij complexe taken is altijd de hippocampus betrokken. Dat blijkt ook uit tests met mensen met een beschadigde hippocampus: die kunnen complexere taken niet of heel moeilijk uitvoeren. Kessels’ onderzoek is zeer fundamenteel, maar heeft in de toekomst implicaties voor de kliniek. De diagnostiek van geheugenstoornissen is nog altijd gestoeld op het verschil tussen korte- en langetermijngeheugen. En dat idee zal dus herzien moeten worden. Wetenschapsnieuws Brutale baarsjes De pijn van een ander Democratische Astronomie Systeembiologie Biochemici en celbiologen richtten tot voor kort hun aandacht vooral op de zeer kleine systemen binnen de cel, zoals eiwitten en genen. Nu steeds meer bekend wordt over de werking daarvan, richten zij hun aandacht op de samenwerking tussen die systemen. Op die manier moet de interactie tussen alle systemen binnen één organisme duidelijk worden, of zelfs tussen alle organismen binnen één ecosysteem. Systeembiologie heet deze nog jonge tak van de biologie. Over de nieuwste ontwikkelingen in dit vakgebied houdt Roel van Driel, hoogleraar biochemie aan de Universiteit van Amsterdam en directeur van het Nederlands Instituut voor Systeembiologie, op 8 februari de eerste Paradisolezing van dit seizoen.  De Amanuensis Achter elke onderzoeker staat een assistent: een laborant, een dierenverzorger of een instrumentmaker. Zonder assistenten geen onderzoek, maar hun namen prijken zelden boven de publicaties. Voor Noorderlicht maakte Remy van den Brand een serie reportages over de onmisbare hulpjes van de wetenschap. Vandaag het vijfde deel, met Eric Mulder, analist bij het laboratorium voor artefactstudies van de faculteit Archeologie van de universiteit Leiden. Presentatie: Remy van den Brandnl