Alles
nl
Documentaire over de tijdens de Tweede Wereldoorlog in Auschwitz geëxecuteerde joodse journalist Philip Mechanicus. Met interviews met: - schrijver en arts Eli Cohen o.a. over zijn verblijf met Mechanicus in kamp Westerbork. - Mechanicus' dochters Ruth en Julia, - zijn neef, de fotograaf Philip Mechanicus, - Jo Heinsius, een vriendin. Ter sprake komen Mechanicus' weigering onder te duiken, zijn arrestatie, zijn vriendschap met Etty Hillesum en zijn dagboeken die werden gebundeld onder de titel 'In Depot'. Tevens wordt voorgelezen uit de dagboeken en brieven van Mechanicus en Hillesum, en uit Mechanicus' brieven aan zijn dochter Ruth, die zij bundelde in het boekje 'Ik woon zoals je weet driehoog'. Beschrijving 0'00" Muziek. Stemfragment Eli Cohen. Presentator introduceert Eli Cohen, leidt onderwerp in en introduceert Julia, een dochter uit het eerste huwelijk van de journalist Philip Mechanicus. Na 2'39" Julia Mechanicus vertelt int. over het karakter en de liefhebberijen van haar vader. Presentator leidt Ruth in, de dochter uit Mechanicus' tweede huwelijk. Ruth beschrijft haar vaders uiterlijk, zijn afkomst en vertelt over de invloed die zijn professie had op zijn persoonlijkheid. Na 9'48" Presentator leidt de fotograaf Philip Mechanicus in, neef en naamgenoot van de geëxecuteerde journalist. Philip zou de man naar wie hij vernoemd is graag gekend te willen hebben. Ruth vertelt dat het gezin Mechanicus door de contacten met Duitse joden goed op de hoogte was van de gebeurtenissen in Nazi-Duitsland. Voorts vertelt zij dat haar vader, die werd getroffen door een beroepsverbod, na de capitulatie bleef publiceren onder het pseudoniem 'Père Celjénets'. Na 16'03" Presentator leidt Jo Heinsius in, een vriendin, die zegt dat onderduiken niet in Mechanicus' karakter lag. Heinsius karakteriseert Mechanicus als een charmeur, een bohemien en een wilskrachtig autodidact, die in staat was "zijn wezen te bewaren, ook in zulke moeilijke omstandigheden." Neef Philip gaat in op zijn oom als "vrouwenjager". Na 22'31" Heinsius vertelt over Mechanicus' arrestatie en zijn aanvankelijke weigering om zijn dochters te laten onderduiken. Cohen beschrijft zijn kennismaking met Mechanicus in de gevangenis aan de Amstelveense weg, hun verblijf in kamp Amersfoort en hun latere weerzien in kamp Westerbork, waar Mechanicus bescherming genoot van één van de leidende Duits-joodse figuren. Na 33'18" Fragment uit een brief van Mechanicus. Presentator leest voor uit 'Ik woon zoals je weet driehoog.', de door Ruth Mechanicus gebundelde brieven van haar vader. Ruth over hoe de correspondentie met haar vader verliep en hoe zijn in schoolschriften bijgehouden dagboeken uit het kamp werden gesmokkeld. Na 37'07" Citaat Mechanicus. Na 37'35" Citaat uit brief Etty Hillesum, een kampgenote van Mechanicus. Na 38'02" Passage uit Hillesums brieven, waarin zij Mechanicus' dreigende vertrek uit kamp Westerbork beschrijft. Na 38'34" Citaat uit dagboek Mechanicus: over de felicitaties die hij ontvangt van zijn kampgenoten voor het afblazen van zijn deportatie uit Westerbork. Na 39'07" Heinsius over de duur van Mechani-cus' verblijf in Westerbork en de wijze waarop hij zich daar wist te handhaven. Verder zegt Heinsius zich erover te verbazen dat veel joden niet wisten wat er gebeurde en optimistisch bleven: "Als je volwassen was en de kranten las, dan moet je dat geweten hebben." Na 43'49" Fragment uit dagboek Etty Hillesum. Na 44'31" Citaat uit dagboek Mechanicus. Na 45'12" Ruth vertelt over hoe de familie Mechanicus een aantal jaren na de oorlog na het plaatsen van een advertentie, zekerheid verkreeg over de dood van Philip. Julia vertelt waarom zij haar vaders dagboeken, die zij na de oorlog in bewaring hield, pas helemaal heeft gelezen, toen zij in 1962 in druk verschenen. Neef Philip vertelt wanneer hij de dagboeken van zijn oom voor het eerst las. Na 50'27" Afkondiging Portret Philip Mechanicus Philip Mechanicus, geboren in 1889 te Amsterdam, werd op zijn 17e loopjongen bij Het Volk, kwam in de journalistiek terecht, eerst bij enkele Indische kranten en vervolgens als redacteur buitenland bij Het Algemeen Handelsblad. "Hij was als een spons", zegt zijn dochter Ruth, die ik onlangs sprak. Door zijn nieuwsgierigheid en zijn doorzettingsvermogen ontworstelde hij zich aan het arme Joodse schoenlappermilieu. De SDAP - waar hij lid van was - gaf hem, zoals hij wel eens in huiselijke kring beweerde, de 'push'. Hij werd vooral bekend vanwege zijn buitenlandreportages in de Sovjet-Unie en Palestina, die later gebundeld-werden in "Van sikkel en hamer" en "Een volk bouwt zijn huis". Zijn journalistieke capaciteiten - een mengeling van objectiviteit, nauwgezetheid en inlevingsvermogen - werden alom geprezen. Op straat was hij een bekende verschijning en werd door intimi aangesproken met "Mec", Direct na de Duitse bezetting werd hem verboden nog voor de krant te werken, maar vervolgens werkte hij vanuit zijn huis nog enige tijd onder de schuilnaam Père Celjénets, totdat de directie hem ontsloeg. Op 27 september 1942 werd hij - zonder ster - op het achterbalcon van een tram door een medepassagier verraden en gearresteerd. Op 25 oktober werd hij naar kamp Amersfoort en op 7 november naar Westerbork gedeporteerd. Daar raakte hij goed bevriend met Etty Hillesum, die hem ook in haar brieven vermeldde. Zelf hield hij ook een dagboek bij in schriften - twaalf in getal - die illegaal' door koeriersdiensten het kamp uitgesmokkeld werden. Ondanks zijn walging van het kampleven maakte Westerbork een onuitputtelijke nieuwsgierigheid in hem wakker. Zo schreef hij op 29 mei 1943 in zijn dagboek: "Ik heb het gevoel, alsof ik als officieel reporter een schipbreuk versla. Wij zitten samen in een cycloon, voelen langzaam het lek-geslagen schip zinken en trachten nog een haven te bereiken, maar deze haven lijkt ver weg. Langzamerhand bekruipt mij het besef, dat ik niet door mijn vervolgers hier ben gebracht, maar dat ik de reis vrijwillig meemaak, om mijn werk te doen". Enkele keren wist hij een transport naar Polen te vermijden, maar op 8 maart 1944 was er geen ontkomen meer aan. Hij werd op de trein naar Bergen-Belsen gezet, in oktober overgebracht naar Auschwitz-Birkenau en onmiddelijk doodgeschoten. Het is merkwaardig dat Mechanicus na de oorlog zo onbekend is geworden. Zijn dagboek, in 1964 uitgebracht onder de titel "In Depot", is een document dat niet onder doet voor dat van Etty Hillesum. Er is onlangs wel een herdruk van "In Depot" uitgebracht, maar zijn werk blijft totnutoe qua verkoop overschaduwd door de brieven en dagboeken van zijn kampvriendin. nl