Alles
Langlopende serie (jaren 90/00) over de ruimtelijke ordening in Nederland bezien vanuit de burgers.nl
Het moet heerlijk zijn om het VVV-kantoor van Leerdam te runnen. Want wat is er niet allemaal! Beroemd is natuurlijk het Hofje van mevrouw Van Aerden. Zij stichtte het in 1770 en overeenkomstig haar laatste wens wonen er enkel dames. Heren mogen op bezoek komen, doch niet overnachten. Leerdam ligt aan de Linge, en is bij uitstek geschikt om te recreëren: wandelen, fietsen, watersport. Er zijn oude wallen. Er is er glas. Want aan glas dankt Leerdam zijn bijnaam 'glasstad'. Deze zomer wordt het helemaal dikke pret als de Internationale Glasmanifestatie 1997 losbarst. Al dat glas heeft ook een keerzijde. Aan de voet van de glasfabriek ligt de wijk waar de werknemers van de fabriek werden gehuisvest, die in vier ploegen het bedrijf continue draaiende moesten houden. Begin deze eeuw werden Duitsers en in de jaren '60 werden Molukkers en Turken aangetrokken om de gelederen te versterken. Met zijn 70 % allochtonen is de wijk een smeltkroes. De wijk was een van de 37 speerpunten voor het sociale vernieuwingsproject van een aantal jaren geleden. En binnenkort gaat een nieuw 'veiligheidsproject' van start, om overlast door drugsgebruik en criminaliteit tegen te gaan. Het is de bedoeling dat de bevolking zelf actief wordt bij het verbeteren van het leefklimaat in de buurt. RESEARCH: Het verhaal van Leerdam luidt als volgt: Leerdam West is een nogal gedepriveerde wijk. Ca. 70% is allochtoon, de wijk ligt aan de voet van de glasfabriek, en zijn zo'n 70 junks, relatief hoge werkloosheid, veel inbraken. Wat die junks betreft: de Molukkers die gebruiken verloederen niet snel. Ze blijven opgevangen worden door hun familie en roken hun stuff. De mentaliteit is zodanig in Molukse kring dat ze niet jatten van de familie. Oorzaken van de problemen in de wijk o.a.: In de crisistijd zijn er vele Duitsers naar Leerdam gekomen om te werken in de glasfabriek. Die hebben daar een Lutherse gemeenschap gesticht. Rond '62 zijn er nogal wat Molukkers vanuit de kampen in Vught en Woerden naar Leerdam gekomen, zo'n 600, en nu zitten er zo'n 1200. Ze wonen voor een groot deel bij elkaar in de wijk. In de loop van de jaren '60 zijn er door de glasfabriek veel Turken naar Leerdam gehaald. Er zitten er nu zo'n 1.400. Er zit ook nog een handjevol Marokkanen ed. en zo'n vijftig Somalische vluchtelingen. Het is een smeltkroes, probleemwijk. Er ontstond o.a. veel werkloosheid toen de andere peiler voor werkgelegenheid, de houtindustrie, in de jaren '70 werd gesloten. Overigens: in heel Leerdam zijn zo'n 35 kerkgenootschappen. Alleen al de Molukkers zijn over zo'n 4 religieuze richtingen verspreid. Leerdam is een van de 37 gemeenten die startten met de sociale vernieuwing. Men wil de problemen bij de bron aanpakken en de bewoners erbij betrekken. Het zogenaamde IPP (Instituut voor Publiek en Politiek in Amsterdam) is bezig met het opstellen van een zogenaamd Plan Veiligheid, overigens het eerste speerpunt van de gemeente Leerdam. Veiligheid is trouwens een relatief begrip: er wordt weliswaar ingebroken, maar er zwerven geen spuiten op straat en voor meisjes is het redelijk veilig op straat. Maar voor Leerdamse begrippen zijn er grote problemen. Uitgangspunt is dat de bewoners zélf actief moeten gaan worden in het verbeteren van het leefklimaat. Er is een wijkraad, met Manupoety als voorzitter. Dan is het de bedoeling dat er bewonersgroepen komen die regelmatig bijeenkomen en zich via een convenant aan bepaalde afspraken verplichten. In de wijk zijn hoofdzakelijk huurwoningen. De woningbouwvereniging moet het hang- en sluitwerk verbeteren. Er komt ws. een zakendoen project. Dat houdt in dat junks kunnen kiezen: begeleid 'gebruiken', niet meer crimineel gedrag. Het project biedt dan: een woning, schuldsanering, studiebegeleiding, hulp bij werk zoeken, reclassering etc. of: lik-op-stuk-beleid als men weer betrapt wordt. De bak in dus. Op 10 februari worden de eerste plannen gepresenteerd, en op 10 maart zal het plan aan de bewoners worden gepresenteerd. Leerdam is ook een pilotgemeente waarin men de jeugd wil betrekken bij het beleid. Het gaat om kinderen van ca. 10-18 jaar. Er is een kindergemeenteraad. En in West is er de Jungle, een wijkverenigings-centrum dat geheel gerund wordt door jonge vrijwilligers. Afspraken 4 maart:  10.00 uur, Stichting Werk en Welzijn, Tiendweg 11, Peter Derksen, wijkcoördinator Leerdam West. Hij kan alles vertellen over de problemen in de wijk en de achtergronden daarvan, en over de lancering van het plan Veiligheid. Hij is getrouwd met een Molukse en weet dus ook veel van de Molukse samenleving van binnenuit.  Ca. 12.00 uur - Techniekweg 10a, achter een loods van Comas BV, Jeroen Dantz en Hein Derksen plus de werkzoekenden van het arbeidsmarkttoeleidingsproject. Dat is omstreeks 1991 gestart vanuit de Stichting Werk en Welzijn. Het zijn er nu zo’n 24 in de leeftijd van zo’n 17 tot 45 jaar in de categorie C en D, ofwel de meest moeilijk bemiddelbaren. Als ze ‘s ochtends op hun werk verschijnen en blijven tot het einde van de werkdag is dat al heel wat, en wat daartussen gebeurt is meegenomen. Ze leren lassen, electra, hout, schilderen, onderhoud groenvoorzieningen etc. in principe voor een periode van drie maanden tot een jaar, of tot ze een baan hebben. Ze lunchen van 12.00-12.30 uur.  14.30 uur, NS-station, Frans Lopulalan, schrijver van “Onder de sneeuw een Indisch graf”. Hij beschrijft het leven in het Molukkerskamp in Woerden en hoe hij als achtjarig ventje niet naar Leerdam wilde. En verder beschrijft hij hoe hij eind jaren ’70 zijn ouders opzoekt in Leerdam, en dat de benepenheid van Leerdam over hem heenvalt. De 19-jarige Frank Kant geconfronteerd met deze uitspraak: “Tsja, we noemen het hier wel eens Luldam, maar zitten we niet altijd te kankeren over de plek waar we vandaan komen?” L. kent de Plek, ook nog van de periode Klaas Vos. Hem heb ik gevraagd te vertellen over hoe het was in Leerdam te komen wonen, en de sentimenten van weer terug te willen naar Indonesië enzo. Overigens: Volgens Frank Kant is het RMS-ideaal weer in opkomst. En: Een kwart van de Molukkers in West heet Lopulalan. En: lang niet alle Molukkers gingen naar de glasfabriek, en gevraagd waarom zijn ouders naar Leerdam verhuisden kon Lopulalan niet zo gauw een antwoord bedenken. Dat antwoord is hij je dus verschuldigd. Lopulalan het type dat ook naar de dijk bij Kedichem gaat als Janmaat c.s. daar hun verhalen gaan verkondigen. 18.00 uur: Frank Kant, en een uur later ook een Turkse jongere, in de Jungle, Patrimoniumstraat 100 E. Een opmerkelijke jongeman, deze 19-jarige Kant. Hij is actief in een zgn. JIP, Jongeren Informatie Punt. Dat is een opvolger van de JAC’s, maar dan minder geïnstitutionaliseerd. Die JIP’s worden opgezet, en ondersteund vanuit de Stichting Program in Rotterdam. Het is de bedoeling dat jongeren met vragen en problemen naar hen toe komen. Het is een vrijwilligersorganisatie en ze bestaan sinds 1 januari. Door een aantal oorzaken: de computer deed het nog niet, terwijl ze via Internet de antwoorden moeten zien te vinden op de problemen, en verder moeten ze nog op cursus Baliemedewerker - draaien zo nog niet. Er zijn nu zes medewerkers plus een beroepskracht. Kant werkt al vanaf zijn 15de in Jongerendentra en heeft ook een opleiding Sociaal Cultureel Werk gedaan. Werkt momenteel als Magazijnmedewerker. Kant zit ook in de zogenaamde “Cluster Jeugd”. Dat is geïnitieerd door de Gemeenteraad. Daarin zitten alle clubs en organisaties die met jongeren te maken hebben (dus niet per definitie jongeren), en ze hebben inspraak over alles wat met jongeren gebeurt, ook verdeling van subsidiegelden, in Leerdam. Dat is weer wat anders dan de Kindergemeenteraad, die 1x per jaar wordt gehouden. Hij kan daar wel over vertellen. Kortom, jongeren in Leerdam kunnen actief meebeslissen en weten dan meteen wat alles kost. Kant is actief in de Jungle, waar open jongerenavonden worden gehouden in de weekenden van halftien tot halfvier ‘s nachts, waar tienerdisco’s worden georganiseerd (met cola en geen drank) en waar het JIP is gehuisvest. Er komen ook Turkse en Molukse jongeren, maar die hebben ook hun eigen clubs: de Molukse Stichting en het Turks Jongerencentrum (slegs vir mannen). Vooral de Turkse jongeren voelen zich volgens Kant nogal achtergesteld: door achterstanden in de taal (thuis wordt vaak Turks gesproken) en door hun geloof (thuis vindt men hen te westers, en elders vindt men hen te Turks). Maar toch vindt de integratie steeds meer plaats. Kant vindt Leerdammers close, inclusief de Turken en de Molukkers. Hij zoekt een Turkse jongere die de Turkse gemeenschap - die nogal divers is - goed kan beschrijven. (Toen ik hem vroeg mij te bellen als het niet lukt met zo’n Turkse jongere, gaf hij als antwoord dat het probleem is dat-ie niet kan kiezen uit al die 40 Turken die hij kent.) nl